FAQ: Faillissement

Wat moet ik doen wanneer een van mijn klanten failliet verklaard werd?

Bij kennisname van het faillissement van een van uw klanten, moet er zo snel mogelijk aangifte van schuldvordering gebeuren bij de griffie van de Rechtbank van Koophandel.

De termijn waarbinnen deze aangifte moet gebeuren wordt vastgelegd door de Rechtbank van Koophandel en bedraagt gebruikelijk 30 dagen. Het recht om aangifte in te dienen als schuldeiser verjaart sowieso na 1 jaar. Niets weerhoudt u alsnog om aangifte in te dienen. Schuldeisers die hun aangifte niet hebben ingediend binnen de termijn die in het vonnis is vermeld, kunnen dit nog doen tot op het ogenblik van de oproeping voor de afrekeningsvergadering. Deze schuldeisers komen dan wel enkel in aanmerking voor het nog niet verdeeld actief. Bovendien moeten zij de kosten voor hun opname in het passief zelf dragen.

Wanneer de schuldeiser geen aangifte van schuldvordering indient, zal hij zijn rechten als schuldeiser pas kunnen hernemen na de afsluiting van het faillissement. Vanaf dat ogenblik kan hij de schuldenaar vervolgen voor de niet-betaalde schuld, op voorwaarde dat de gefailleerde niet verschoonbaar is verklaard door de Rechtbank.

Wat doet de curator?

Een curator is een gerechtelijk mandataris die onder toezicht van de rechter-commissaris verantwoordelijk is voor de vereffening van de boedel. Hij vertegenwoordigt de belangen van de schuldeisers en de gefailleerde.

Curatoren zijn steeds advocaten, doch verdedigen zij niet de gefailleerde. Het vonnis van faillietverklaring duidt één of meer curatoren aan.

Elk jaar en voor de eerste keer 12 maanden na de aanvaarding van hun functie, overhandigt de curator aan de rechter-commissaris een gedetailleerd rapport betreffende de toestand van het faillissement. Dat rapport verslag omvat o.a. de ontvangsten, de uitgaven, de betalingen, wat nog moet worden vereffend, de stand van de betwistingen van de schuldvorderingen,…

De curator legt tevens een kopie van dit rapport ter griffie neer. Deze kopie wordt bij het faillissementsdossier gevoegd. De schuldeisers kunnen dit rapport raadplegen op de griffie van de rechtbank al moeten zij wel een wettig belang hiervoor aantonen.

Hoe worden de gelden verdeeld?

De curator zal het actief van de gefailleerde ‘realiseren’. Daarmee wordt bedoeld dat de curator de nodige stappen onderneemt om het actief om te zetten in geld. Dit kan door:

  • de verkoop van goederen
  • het innen van schuldvorderingen
  • het aangaan van dadingen (onderlinge overeenkomsten waarbij een einde gesteld wordt aan een betwisting, veelal door toegevingen gemaakt door beide partijen)

De opbrengst van deze ‘realisatie’ verdeelt de curator pondspondsgewijs onder de schuldeisers met inachtname van volgende regels:

  • Eerst worden de kosten van de curatele (kosten en uitgaven voor het beheer van de boedel) ingehouden
  • Vervolgens worden de uitkeringen tot levensonderhoud aan de gefailleerde en zijn gezin ingehouden
  • Dan worden de bevoorrechte schuldeisers betaald op basis van hun ingeroepen voorrechten (belastingschulden, RSZ, BTW, eigendomsvoorbehoud,…).
  • Uiteindelijk wordt het eventueel saldo aan de overige schuldeisers verdeeld.

 

Hoe wordt het faillissement afgesloten?

De faillissementsprocedure kan op twee wijzen worden afgesloten:

  • Sluiting van het faillissement wegens ontoereikend actief: Dit gebeurt enkel op verzoek van de curator als deze vaststelt dat er onvoldoende actief is om de kosten en het beheer van de vereffening te dekken. Hierdoor krijgt de gefailleerde opnieuw zeggenschap over zijn vermogen. De curator wordt uit zijn ambt ontslagen. De schuldeisers herwinnen hun recht om zelf rechtsvorderingen in te stellen tegen de gefailleerde, tenzij deze laatste verschoonbaar verklaard wordt.
  • Sluiting van het faillissement door vereffening: Hierbij wordt het actief gerealiseerd volgens de hierboven, bij vraag 6, beschreven regels. Net als bij de sluiting wegens ontoereikend actief keert de gefailleerde in het bezit van zijn vermogen. De schuldeisers herwinnen eveneens hun recht om zelf rechtsvorderingen in te stellen tegen de gefailleerde, tenzij deze laatste verschoonbaar verklaard wordt.

Wat is verschoonbaarheid?

Het is de rechter-commissaris die aan de rechtbank mededeling doet van de beraadslaging van de schuldeisers over de verschoonbaarheid van de gefailleerde. Zowel de curator als de gefailleerde worden gehoord door de rechtbank over de verschoonbaarheid.

Verschoonbaarheid houdt in dat de schuldeisers na de sluiting van het faillissement de gefailleerde niet meer mogen vervolgen voor de schulden van vóór het faillissement. De verschoonbaarheid laat de gefailleerde toe om met een schone lei te herstarten.

Een gefailleerde rechtspersoon kan onmogelijk verschoonbaar verklaard worden. Verschoonbaarheid bestaat dus enkel voor natuurlijke personen.

De faillissementswet stelt dat alle gefailleerden die “ongelukkig en te goeder trouw” handelden, verschoonbaar moeten verklaard worden. Dit wil zeggen dat iedere gefailleerde die het bewuste faillissement niet bewust heeft uitgelokt en die geen strafbare handelingen heeft gesteld tijdens de duur van het faillissement, aanspraak kan maken op de verschoonbaarheid.

Let wel op: de schuld is niet verdwenen door de verschoonbaarheid. De schuldeiser mag de ex-gefailleerde nog steeds vriendelijk uitnodigen tot betaling. Mocht de ex-gefailleerde hier alsnog op ingaan wordt deze betaling als geldig aanzien en is dan ook niet terugvorderbaar.

Ook betalingsakkoorden die door een verschoonde gefailleerde ondertekend worden zijn rechtsgeldig.

Loonbeslagen en overdrachten moeten echter wel stopgezet worden. Elk bedrag dat na de verschoonbaarheidsverklaring ontvangen wordt door de schuldeiser, kan door de ex-gefailleerde teruggevorderd worden.

De echtgeno(o)t(e) van gefailleerden kan mee genieten van de verschoonbaarheid van de gefailleerde.

Personen die zich borg hebben gesteld voor een gefailleerde moeten zelf hun “bevrijding” aanvragen bij de griffie. Zij worden hiervoor door de curator aangeschreven. Hij ligt hen in over de te volgen procedure.

Kan de betaalde btw teruggevorderd worden van facturen die deel uitmaken van de boedel van het faillissement?

Btw kan in principe pas teruggevorderd worden vanaf het ogenblik dat uw schuldvordering geheel of gedeeltelijk is verloren gegaan. De btw-administratie aanvaardt een aanvraag tot terugbetaling in het kader van een faillissement en dit vanaf het ogenblik van de faillietverklaring. De betaalde btw kan teruggevraagd worden via rooster 62 van de eerste btw-aangifte die volgt op de datum van het vonnis van faillietverklaring.

Wat is een faillissement?

Een faillissement is een door de wet geregelde procedure voor een natuurlijk- of rechtspersoon die niet (meer) in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Een faling heeft in de meeste gevallen niets met fraude en alles met een samenloop van omstandigheden te maken. De Rechtbank van Koophandel spreekt het faillissement uit en stelt een curator aan. Hij wordt verantwoordelijk voor het beheer over het vermogen van de schuldenaar en dit gedurende de volledige looptijd van het faillissement. De taak van de curator is in beginsel het te gelde maken van het vermogen van de gefailleerde, waarna de eventuele opbrengst wordt verdeeld onder de schuldeisers.

Een faillissement wordt uitgesproken wanneer er sprake is van structurele financiële problemen. Wanneer het gaat om tijdelijke of eenmalige wanbetalingen kan er eventueel een beroep gedaan worden op de Wet op de Continuïteit van de Ondernemingen, ook WCO genoemd. Hierbij geven de schuldeisers het insolvabele bedrijf de tijd om zich te herstellen.

Het faillissement bestaat enkel voor ondernemingen en zelfstandigen. Particulieren, vrije beroepen en zelfstandige landbouwers kunnen beroep doen op de “Procedure Collectieve Schuldenregeling”.

Welke voorwaarden moeten voldaan zijn om failliet verklaard te worden?

Een natuurlijk- of rechtspersoon zal enkel failliet verklaard worden indien hij op het ogenblik van de faillietverklaring:

  • een ‘koopman’ (handelaar) is. Ook al bevinden ze zich in staat van kennelijk onvermogen kunnen zij die geen ‘koopman’ zijn (bvb. de vrije beroepen), niet failliet verklaard worden
  • ‘op duurzame wijze heeft opgehouden te betalen’ en zijn ‘krediet geschokt is’. Het gebrek aan liquiditeit moet structureel zijn. Indien dit gebrek van tijdelijke aard is kan men beroep doen op de Wet op de Continuïteit van de Ondernemingen.

Beide voorwaarden moeten gezamenlijk vervuld zijn op het ogenblik van faillietverklaring. Het is de rechter die onafhankelijk beslist of al dan niet aan beide voorwaarden voldaan is.

De betrokkene wordt overigens altijd gedagvaard om zijn standpunt toe te lichten alvorens het faillissement wordt uitgesproken.

Door wie kan het faillissement aangevraagd worden?

Enkel de volgende intervenanten kunnen het faillissement van een natuurlijk- of rechtspersoon aanvragen bij de Rechtbank van Koophandel:

  • De gefailleerde zelf. Men spreekt dan van het faillissement op bekentenis.
  • Eén of meer schuldeisers. Men spreekt dan van het faillissement op dagvaarding
  • Dagvaarding door het openbaar ministerie
  • Dagvaarding door de voorlopige bewindvoerder
  • Dagvaarding door de curator van de hoofdprocedure (indien de onderneming in meerdere landen gevestigd zou zijn)

 

Hoe kan ik weten of een onderneming/zelfstandige failliet is?

Alle faillissementen worden gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad en zijn dagelijks raadpleegbaar op hun website. Ook op de website van de Kruispuntbank van Ondernemingen wordt deze informatie opgenomen. Ook de sluiting en de beslissing over de verschoonbaarheid worden in het Belgisch Staatsblad opgenomen.

© 2019 - iCredit Motionmill webdesign, seo & internet services
Do NOT follow this link or you will be banned from the site!
iCREDIT